terug naar overzicht

Wijdverspreide neuro-inflammatie gevonden in ME/cvs

Onderzoekers hebben decennialang gedacht dat neuro-inflammatie waarschijnlijk aanwezig is bij ME/cvs, maar het is pas sinds kort dat de technologie in staat is geweest om de lagere niveaus van neuro-inflammatie op te pikken waarvan men gelooft dat die aanwezig zijn in ziekten zoals ME/cvs en fibromyalgie. De Japanners waren de eersten die een poging deden.

Ze hebben lang gedacht dat inflammatie (ontsteking) tot de centrale vermoeidheid leidt (vermoeidheid die voortkomt uit de hersenen), die een grote rol speelt in ME/cvs. In 2013 stelde Watanabe voor dat inflammatie in de hersenen het “facilitatiesysteem” neerhaalde dat opduikt wanneer we moe zijn om signalen van de motorische schors te stimuleren om onze spieren in beweging te houden. Hij stelde ook de hypothese dat een remsysteem de vermoeidheid bij ME/cvs opvoerde.

Een studie uit 2016 maakte het plaatje af toen deze bewijs vond van verminderde dopaminerge activiteit van een deel van de hersenen (de basale ganglia) die die motorische schors activeert. Dat past precies bij de resultaten van Miller, die suggereerde dat
problemen met de basale ganglia zowel de vermoeidheid als de problemen met motorische activiteit in ME/cvs zou veroorzaken.

De grote doorbraak kwam in 2014 toen de Japanners zowat iedereen verbijsterden met een studie met een PET-scan die wijdverspreide neuro-inflammatie vond in de hersenen van ME/cvs-patiënten. De studie was klein (n=19) maar de bevindingen leken sterk.

De neuro-inflammatie was wijdverspreid, maar was het sterkst aanwezig in de gebieden van de hersenen (thalamus, amygdala, middenhersenen, hippocampus), die eerder waren opgedoken bij
ME/cvs. Bovendien waren de Japanners in staat om specifieke inflammatiegebieden te linken aan specifieke symptomen:

  • Inflammatie in de thalamus stond in verband met cognitieve stoornis, vermoeidheid en pijn.
  • Inflammatie in de amygdala stond in verband met cognitieve problemen.
  • Inflammatie van de hippocampus stond in verband met depressie.

Anthony Komaroff noemde de bevindingen de meest opwindende in decennia. De Japanners begonnen een veel grotere studie naar neuro-inflammatie (n=120). Dit jaar publiceerden ze een groot aantal papers over ME/cvs in het Japanse vakblad “Shinkei Kenkyu No Shinpo” (Hersenen en Zenuwen). Een van de papers ging specifiek over neuro-inflammatie, maar de bevindingen zijn nog niet in Engelse tijdschriften gepubliceerd.

Neuro-Inflammatie volgens Yarred Younger

Yarred Younger, die het Labo voor Neuro-inflammatie, Pijn en Vermoeidheid aan de University of Alabama aan Birmingham leidt, heeft lang geloofd dat neuro-inflammatie een grote rol speel in ME/cvs en fibromyalgie.

In 2015 merkte hij hoe populair het onderwerp neuro-inflammatie geworden was. Zeven jaar geleden werd er bijna niks over microglia gezegd op de pijnconferenties. Nu zitten ze vol met presentaties over microglia.

Deze immuuncellen zijn gevoelig voor zo veel factoren en kunnen uitgelokt worden op zo veel manieren dat bijna elke stressor, van een infectie tot toxinen en psychologische stress, mogelijk een staat van microgliale gevoeligheid kan uitlokken in de juiste persoon. Omdat ze in staat zijn om tientallen verschillende inflammatoire mediatoren te produceren, gelooft Younger dat het verschil tussen ME/cvs en FM eenvoudigweg kan neerkomen op kleine verschillen in hoe de microglia worden bijgesteld.

Beide ziekten zouden in gang gezet kunnen worden door een hoge mate van immuunactivatie, die in de loop van de tijd de microglia in een zodanige mate gevoelig maakt dat ze ontstekingsfactoren beginnen produceren bij het minste teken van een stressor.

Nieuwe, niet invasieve meettechnieken

Younger was net klaar met zijn studie met hersenthermometrie bij ME/cvs. Hij gebruikte een nieuwe, minder invasieve manier om de hersenen te beoordelen, die magnetische resonantie spectroscopische thermometrie (MRSt) wordt genoemd. De techniek, die als doel heeft een thermometer voor de hersenen te creëren, gebruikt een MRI-scanner (beeldvorming door magnetische resonantie). Terwijl Younger de temperatuur van de hersenen beoordeelde, onderzocht hij ook de chemische samenstelling ervan.

Met deze techniek duurt het slechts 20 minuten in de machine om een volledige 3D-warmte- en chemische kaart van de hersenen van een ME/cvs-patiënt te krijgen. Nadat het Solve ME/CFS Initiative (SMCI) financiering had verstrekt, ging hij aan de slag en scande uiteindelijk de hersenen van 15 vrouwen met ME/cvs en 15 gezonde controles gepaard volgens leeftijd en geslacht.

Wijdverspreide neuro-Inflammatie gevonden in de hersenen van ME/cvs patiënten

Het bleek dat Youngers hersenbrede zoektechniek precies goed was. Het kijken naar afzonderlijke gebieden van de hersenen in ME/cvs-patiënten, zou misleidende data voortgebracht hebben. Het bleek dat er geen enkel gebied of zelfs geen groep van gebieden in de hersenen abnormaal was in ME/cvs: bijna de volledige hersenen waren dat.

Younger vond lactaat – een product van anaeroob metabolisme – wijdverspreid doorheen de hersenen van mensen met ME/cvs. Hij opende een kaart met verbazingwekkende reeks van hersengebieden vol lactaat. Hij pikte er een paar uit: de insula, hippocampus, thalamus, en putamen, die bijzonder hoge niveaus [van lactaat] hadden. Het waren vrijwel dezelfde regio’s die de Japanners in hun studie uit 2015 hadden gevonden. Het feit dat de temperatuurstijgingen overlapten met de lactaatverhogingen, gaf verder vertrouwen dat Younger enkele sleutelgebieden had geïdentificeerd.

De cortex cingularis anterior in het bijzonder, die Younger “het centrum van het lijden” in de hersenen noemde, verscheen volop. Het gebied wordt geassocieerd met veel vervelende symptomen (malaise, vermoeidheid en pijn) en het is in het verleden aangetoond in studies naar zowel ME/cvs als fibromyalgie. Het hoge cholinesignaal in dat gebied van de hersenen suggereerde dat inflammatie daar een patroon van vernietiging en vervanging produceerde; d.w.z. dat er behoorlijk wat schade – mogelijk zelfs neuronale schade – werd aangericht.

Over het algemeen waren de lactaatgehaltes niet zo hoog als in andere ziekten – ze waren gewoon consistent aanwezig. Younger verwachtte niet om echt hoge niveaus te zien; echt hoge lactaatgehaltes zouden onherstelbaar beschadigde neuronen betekend hebben – het soort neuronale schade die gezien wordt bij MS, Parkinson en Alzheimer, het soort neuronale schade die echt moeilijk om te keren is. Het feit dat Younger neuro-inflammatie zag bij ME/cvs maar geen neuronvernietigende inflammatie is inderdaad goed nieuws voor mensen met ME/cvs.

Opmerkelijk genoeg toonden de gezonde controles geen enkel bewijs van een analyt zoals lactaat dat verhoogd is en geen enkel gebied van de hersenen dat verhit is. Het is zeer ongebruikelijk om geen enkel bewijs van een afwijking te vinden bij de gezonde controles. Meestal zijn de resultaten van toepassing op groepen, geen personen; sommige gezonde controles vertonen doorgaans bevindingen die vergelijkbaar zijn ME/cvs-patiënten en vice versa, maar hier niet – de twee groepen waren absoluut verschillend. Hoewel dit een kleine studie was, suggereren zulke zwart/wit-resultaten sterk dat neuroinflammatie van de hersenen een sleutelelement van ME/cvs is.

Wat betekent dit voor een eventuele behandeling?

Het documenteren dat neuro-inflammatie aanwezig is en het functioneren in ME/cvs aantast, zou drastische gevolgen kunnen hebben voor behandeling. Het zou ertoe kunnen leiden dat de wetenschappelijke en medische gemeenschappen zich minder op geneesmiddelen focussen die gericht zijn op het zenuwstelsel en meer op manieren om inflammatie te verminderen. Er zouden bijvoorbeeld pogingen gedaan kunnen worden om de huidige ontstekingsremmers aan te passen zodat ze door de bloed-hersenbarrière passeren (de meeste doen dit niet).

Vervolgonderzoek

Als het lukt om voldoende subsidies binnen te halen, zal Younger genoeg geld hebben om de neuro-inflammatie-invalshoek verder te volgen, inclusief het testen van ME/cvs-patiënten via inspanning – iets wat hij nooit eerder gedaan heeft – en zien wat dit doet met de inflammatie in hun hersenen. Het zal fascinerend zijn om te zien of ze stijgt, hoe lang de inflammatie duurt, hoe ze overeenkomt met postexertionele symptomen, en waar ze het meest duidelijk aanwezig is.

Younger speculeerde dat mensen met ME/cvs een immuungetriggerde metabolische aandoening hebben. Hij denkt dat de wijdverspreide neuro-inflammatie een aanwijzing geeft voor wat er aan de hand is. Dat patroon suggereert dat immuuncellen de bloed-hersenbarrière op meerdere plaatsen doorbreken; zoals een overstroming die een dijk doorbreekt, stromen ze in wezen door gaten naar de hersenen. Waarom dat gebeurt, weet hij niet zeker, maar zijn volgende stap bij ME/cvs is om aan te tonen dát het gebeurt

Het originele (Engelstalige) artikel, geschreven door Cort Johnson, vind je hier.
Vertaling: ME-Gids

Anderen bekeken ook

2021: terugblik op een jaar ME/cvs-onderzoek  

Het is eind december, dus tijd om de meest interessante wetenschappelijke onderzoeksresultaten van het jaar over myalgische encefalomyelitis/chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/cvs) de revue te laten passeren.

Ziek door verminderde bloedstroom naar de hersenen?

Langdurige COVID, ME/cvs en POTS: ziek door verminderde bloedstroom naar de hersenen?

Hersenontstekingen door aantasting bloedvaten

Het was een kleine studie, maar kleine studies die door de juiste mensen worden uitgevoerd, kunnen een groot verschil maken. Bovendien gaat er niets boven echt graven in de hersenen – en hier was echt graafwerk voor nodig – om te weten te komen wat het SARS-CoV-2-virus doet met dit meest obscure en moeilijk toegankelijke