Tag Archief van: EMEA

Advies EMEA voor VN- bijeenkomst op 25 september 2025

Publicatiedatum 26-09-2025

Wereldwijde oproep aan de Verenigde Naties om ME/cvs op te nemen in gezondheidsbeleid

Op 25 september 2025 hield de Verenigde Naties (VN) in New York de vierde High-Level Meeting (HLM4) over niet-overdraagbare ziekten (NCD’s). Tijdens deze bijeenkomst wordt een nieuwe politieke verklaring aangenomen. Staatssecretaris Tielen zal namens Nederland hierbij aanwezig zijn.

De EMEA roept op:

De European ME Alliance (EMEA), een samenwerking van patiëntenorganisaties in Europa, roept de VN en haar lidstaten dringend op om Myalgische Encefalomyelitis (ME/cvs) op te nemen in dit beleid. ME, vaak ook ME/cvs genoemd, is een ernstige en invaliderende ziekte die wereldwijd naar schatting 240 miljoen mensen treft. Toch blijft ME/cvs grotendeels onzichtbaar in beleid en onderzoek.

Wat is ME/cvs?

ME/cvs is een complexe, lichamelijke ziekte die door de Wereldgezondheidsorganisatie is erkend onder de ICD-11-code 8E49.

Kenmerken van ME/cvs zijn onder meer:

  • ernstige vermoeidheid die niet verdwijnt door rust,
  • forse lichamelijke en cognitieve beperkingen,
  • vaak langdurige of zelfs blijvende invaliditeit.

Veel patiënten zijn volledig afhankelijk van zorg, verliezen hun werk en onderwijs, en hebben nauwelijks toegang tot goede medische hulp.

Ondanks deze zware ziektelast wordt ME/cvs vaak niet serieus genomen. Het wordt soms ten onrechte onder andere namen of verkeerde diagnoses geplaatst. Er is te weinig onderzoeksgeld, te weinig kennis in de zorg, en te weinig steun vanuit beleid.

Waarom juist nu?

De VN-top (HLM4) is een unieke kans om ME/cvs eindelijk zichtbaar te maken.
Het ontwerp van de nieuwe Politieke Verklaring legt nadruk op:

  • rechtvaardigheid (niemand mag achterblijven),
  • multisectorale samenwerking,
  • sociale factoren die gezondheid beïnvloeden,
  • universele toegang tot gezondheidszorg.

Dit zijn precies de punten waar ME/cvs-patiënten nu tekortkomen.

De oproep van EMEA

De European ME Alliance heeft de VN en lidstaten gevraagd om ME/cvs te erkennen als een ernstige, verwaarloosde lichamelijke ziekte en om actie te ondernemen op de volgende punten:

1. Onderzoek naar de impact van ME/cvs

  • Lidstaten moeten impactstudies uitvoeren naar ME/cvs. Deze gegevens zijn nodig om ME/cvs op te nemen in nationale zorgpakketten en strategieën voor niet-overdraagbare ziekten.
  • De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) moet een Health Impact Assessment doen specifiek voor ME/cvs.
  • Samen met het VN-Ontwikkelingsprogramma (UNDP) moet de WHO een pilotproject starten om ME/cvs wereldwijd of regionaal beter in kaart te brengen.

2. Opnemen in wet- en regelgeving rond handicap

  • Patiënten met ME/cvs moeten dezelfde bescherming krijgen als andere groepen onder nationale wetten en het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap.
  • Belangrijk is dat iedereen begrijpt dat het gebrek aan erkenning en steun de invaliditeit van patiënten verergert.

3. Meer biomedisch onderzoek

  • Er is dringend behoefte aan meer financiering voor biomedisch onderzoek naar ME/cvs.
  • Dat onderzoek moet een plek krijgen in bestaande structuren zoals het Global Health Innovative Technology Fund en het WHO/UN Coordination Platform.
  • Onderzoekers kunnen zich aansluiten bij netwerken zoals de European ME Research Group (EMERG) en Young EMERG, opgezet binnen EMEA.

4. Opleidingen en materialen voor zorgprofessionals

  • Zorgprofessionals en andere betrokkenen moeten goede trainingen krijgen via platforms zoals UNITAR en de WHO Academy.
  • Die trainingen moeten zorgen voor:
    • snelle en juiste diagnose,
    • behandeling op basis van wetenschappelijk bewijs,
    • goede zorg en begeleiding,
    • erkenning van de ernstig invaliderende symptomen.

5. Bestrijden van stigma en desinformatie

  • Er is een wereldwijd voorlichtingsprogramma nodig om misinformatie en stigma over ME/cvs tegen te gaan.
  • Hiervoor kunnen bestaande VN-initiatieven worden ingezet, zoals ‘Verified’ (voor online campagnes tegen misinformatie) en ‘Pause’ (dat mensen aanmoedigt om informatie eerst te checken voor ze die delen).

6. Verbeteren van gegevens en monitoring

  • Het WHO-systeem voor monitoring en toezicht moet uitgebreid worden met betere gegevens over ME/cvs.
  • Zo kan de vooruitgang worden gevolgd en kunnen regeringen worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid.

Waarom dit belangrijk is:

Het opnemen van ME/cvs in beleid is nodig om de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) te halen, met name:

  • Universele Gezondheidszorg (iedereen toegang tot zorg),
  • SDG-doel 3.4: het verminderen van vroegtijdige sterfte door niet-overdraagbare ziekten met een derde tegen 2030.

Zonder aandacht voor ME/cvs zullen miljoenen patiënten wereldwijd in de kou blijven staan.

Het menselijke gezicht van ME/cvs

Achter de cijfers schuilen verhalen van echte mensen:

  • kinderen die niet meer naar school kunnen,
  • volwassenen die hun baan verliezen,
  • gezinnen die gebukt gaan onder zorg en financiële lasten.

Door jarenlange verwaarlozing, gebrek aan steun en onvoldoende erkenning kampen veel patiënten met uitzichtloosheid. Het risico op suïcide is aantoonbaar verhoogd bij mensen met ME/cvs. Dit maakt de oproep tot actie nóg dringender.

Wat EMEA vraagt

De European ME Alliance heeft de VN, de WHO en alle lidstaten gevraagd om:

  • Erkenning: ME/cvs officieel erkennen als ernstige lichamelijke ziekte.
  • Verantwoording: regeringen verantwoordelijk houden voor beleid en resultaten.
  • Actie: concrete stappen zetten in onderzoek, zorg en ondersteuning.

Doelstelling: tegen 2030 moet 80% van de voorgestelde maatregelen zijn ingevoerd, met jaarlijkse rapportage van de voortgang.

Conclusie

De VN-top van 25 september 2025 biedt een historische kans om miljoenen mensen wereldwijd een stem te geven.

De boodschap van EMEA is helder:
ME/cvs mag niet langer genegeerd worden en mensen met ME/cvs verdienen erkenning, zorg en bescherming.

Alleen met wereldwijde samenwerking kunnen we ervoor zorgen dat ME/cvs eindelijk de aandacht krijgt die het verdient.

Voor meer informatie zie de oproep van EMEA. Het verslag van de bijeenkomst kun je hier lezen. Ook ons bericht over meer ambitie voor VN verdrag is onderdeel in de wereldwijde vraag naar betere behandeling. Dat bericht lees je hier.

Ons geduld is op!

3 december 2024 – ons geduld is op!

Vandaag, 3 december, is het Internationale Dag voor Mensen met een Beperking. Een dag met belangrijke symbolische waarde, want mensen met een beperking wachten al veel te lang op structurele verbeteringen in Nederland. Daarom lanceert Ieder(in) een petitie met de boodschap: ons geduld is op! Hieronder praten we je bij over onze plannen en hoe je mee kunt doen.

Actie: ons geduld is op!

In september verscheen het rapport van het VN-comité met daarin een vlijmscherpe analyse van de Nederlandse situatie, acht jaar na de invoering van het VN-verdrag Handicap. In het rapport beschrijft het VN-comité een groot aantal zorgen en aanbevelingen aan de Nederlandse overheid die vergelijkbaar zijn met wat het EMEA én de patiëntenfederatie constateerde met betrekking tot ME/cvs. Eind oktober verscheen de reactie van staatssecretaris Vicky Maeijer (VWS) op het rapport. Die reactie is zo teleurstellend, dat ‘ons geduld op is’ en Ieder(in) in actie komt. Hier lees je meer daarover. En wij, als ME/cvs Vereniging, sluiten ons graag bij deze actie aan en willen iedereen aanmoedigen mee te doen.

Dit gaan we doen

Petitie ‘ons geduld is op!

Met een petitie hoopt Ieder(in) massaal handtekeningen op te halen rondom de boodschap: “ons geduld is op!”. Deze petitie komt op 3 december online. We vragen je om de petitie te tekenen en te delen met zoveel mogelijk mensen in je netwerk en achterban. Ga naar onsgeduldisop.nl en teken mee.

Online protest

Je kunt ook online nog een persoonlijke boodschap meegeven:

  • Schrijf thuis een protestbord met ‘Ons geduld is op!’.
  • Maak een foto van jezelf met het bord.
  • Deel deze foto op social media met #OnsGeduldIsOp. Vermeld daarbij de reden waarom jouw geduld op is (bijvoorbeeld: “ik wacht al te lang op inclusief onderwijs”).
  • Verwijs naar onsgeduldisop.nl voor de petitie.

Debat in de Tweede Kamer

De Tweede Kamer gaat in debat over het VN-rapport en de Nederlandse situatie. Dat debat stond gepland op 3 december, maar wordt verplaatst naar een nieuw moment. De nieuwe datum is nog niet bekend.

Zoals bij elk belangrijk debat stuurt Ieder(in) vóór het debat een brief naar de Tweede Kamer. Daarin vraagt Ieder(in) aandacht en informeren ze Kamerleden over de inhoud van het VN-rapport (en waarom de reactie van VWS dus tekortschiet). In aanloop naar het debat spreekt Ieder(in) ook nog gericht met Kamerleden. De brief zullen ze ook delen met hun leden en mensen en organisaties in ons netwerk.

Daarnaast zijn ze van plan om op de nieuwe datum van het Tweede Kamerdebat een actie te organiseren in Den Haag. Met protestborden waarop staat ‘ons geduld is op!’ vraagt Ieder(in) aandacht bij politici en media. Daarnaast willen ze het debat volgen vanaf een volle tribune in de Tweede Kamer. Om het belang van het VN-verdrag en de diversiteit van de mensen om wie het gaat zichtbaar te maken.

WHO oproep – Gebruik ICD classificatie bij ME/cvs

WHO spreekt op EMEA en Invest in ME Research Internationale Conferentieweek 

De WHO roept landen op om de ICD classificatie (=8E49) voor ME/cvs toe te passen en te implementeren in hun zorgstelsel, ME/cvs te erkennen als een ernstige fysieke ziekte en betere medische zorg, financiële ondersteuning en sociale dienstverlening te bieden.  

Cathal Morgan roept landen op om de ICD te gebruiken bij de classificatie van ME/cvs

Cathal Morgan (WHO Europa) 

In de Youtube video spreekt Cathal Morgan, beleidsadviseur van het Europese regiokantoor in Kopenhagen van de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO), namens regiodirecteur Hans Kluge, tijdens de jaarlijkse research conferentieweek van Invest in ME en EMEA. 

Pas de ICD classificatie voor ME/cvs toe 

Morgan stelt dat ME/cvs sinds 1969 erkend is als een neurologische aandoening door de WHO. De WHO beveelt alle landen daarom aan om  de Internationale Classificatie van ziekten (ICD classificatie) en de codes die specifiek zijn voor ME/cvs (8E49) te implementeren in hun zorgstelsel. 

Op die manier is het mogelijk meer kennis te verwerven over de ziektelast en de mate waarin het voorkomt (prevalentie).  

Betere toegang tot behandeling, zorg en hulp 

Wereldwijd zijn er 3 miljard mensen die leven met een neurologische aandoening, dat is 1 op de 3 mensen. In 2022 stelde de WHO World Assembly zich tot doel om de langdurige verwaarlozing aan te pakken van neurologische aandoeningen. In dat kader wijzen ze nu op het gebruik van de ICD classificatie. 

De WHO roept op om in actie te komen om op te schalen naar meer gerichte interventies, zodat het groeiende aantal mensen met neurologische aandoeningen toegang krijgt tot de kwaliteitszorg, behandeling en revalidatie die zij nodig hebben. 

EMEA Pan-Europese Enquête 

De WHO is door EMEA op de hoogte gebracht van de resultaten van de recente EMEA enquête onder ME/cvs patiënten in Europa. Deze enquête brengt de ernstige geïnvalideerdheid van ME/cvs patiënten aan het licht. Ook wordt duidelijk dat er niet wordt tegemoetgekomen aan de behoeften van Europese ME/cvs patiënten. 

De resultaten van de enquête onderstrepen ook hoe belangrijk het is om prioriteiten te stellen en ME/cvs te erkennen als een ernstige fysieke ziekte en betere medische zorg, financiële ondersteuning en sociale dienstverlening te bieden.  

ICD classificatie internationaal gebruiken geeft meer inzicht in ziektelast en prevalentie ME/cvs

Invest in ME Conferentie 

Cathal Morgan wenst namens de WHO alle onderzoekers, artsen, patiënten, verzorgers en anderen die de conferentie bijwonen succes bij: 

  • het presenteren van de laatste vorderingen op het gebied van onderzoek 
  • werken aan het  ontwikkelen van een standaard behandelingsprotocol voor patiënten 
  • een Europees onderzoeksvoorstel om biomarkers te identificeren 
  • ontwikkelen van genezende behandelingen voor deze kwetsbare en ernstig geïnvalideerde patiëntenpopulatie. 

Dit kost tijd, maar vandaag kunnen landen al werken aan ondersteuning van patiënten en hun basisrechten 

Het is bekend dat het ontwikkelen en implementeren van onderzoeksbehandelingen tijd zal kosten, zelfs jaren. 

In de tussentijd moeten regeringen aan de slag met de urgentie en de ethische vraag hoe zij vandaag ondersteuning kunnen bieden aan ME/cvs-patiënten met onzichtbare of medisch onverklaarde symptomen, hun basale mensenrechten respecteren en hun rechten onder de UN Conventie over de rechten van mensen met handicaps. 

Schokkende aanklacht tegen Europees ME/cvs beleid

De European ME Alliance (EMEA) publiceert vandaag de bevindingen van een uitgebreide enquête dat licht werpt op de schrijnende toestand van Myalgische Encefalomyelitis (ME, in sommige landen ook wel ME/cvs genoemd) patiënten in heel Europa.

Een kort citaat uit het rapport: “Onwetendheid, apathie en een gebrek aan onderzoek naar myalgische encefalomyelitis in Europa mogen niet voortduren. Als er nu niet daadkrachtig wordt opgetreden, zal dit onnodig lijden en verwaarlozing van mensen met ME/cvs bestendigen…”

Het onderzoek, uitgevoerd onder meer dan 11.000 mensen met ME/cvs in Europa, vormt een scherpe aanklacht tegen het Europese en nationale beleid voor het negeren van het voortdurende en langdurige lijden van miljoenen patiënten en hun families die getroffen zijn door deze onvoldoende bestudeerde ziekte. Daarom roepen we overheden, zorgverleners, onderzoeksbureaus, beleidsmakers in de gezondheidszorg, ministers van gezondheidszorg, politici en Europese organisaties op om samen te werken met de EMEA en actie te ondernemen om tegemoet te komen aan de onvervulde behoeften van mensen met ME/cvs.

De resultaten van het onderzoek onderstrepen een zorgwekkend gebrek aan erkenning en ondersteuning voor mensen die worstelen met deze slopende ziekte en schetsen een grimmig beeld van de overweldigende uitdagingen waarmee mensen met ME/cvs in Europa worden geconfronteerd.

Uit de enquête blijkt dat gezondheidszorgsystemen hen in de steek laten: drie van de vier patiënten (74%) hebben het gevoel dat ze weinig of geen ondersteuning in de gezondheidszorg krijgen, terwijl slechts 1 op de 8 (12%) goede of zeer goede ondersteuning krijgt.

De belangrijkste bevindingen van de enquête onthullen het niveau van invaliditeit en de onvervulde behoeften onder ME/cvs-patiënten, en benadrukken de dringende noodzaak voor gezondheidszorgsystemen om ME/cvs te erkennen als een ernstige lichamelijke ziekte en de medische zorg, financiële steun en sociale diensten te verbeteren en een volledig gefinancierde langetermijnstrategie van biomedisch onderzoek naar deze ziekte na te streven.

Verder onthulde de enquête significante verschillen in toegang tot medische zorg en sociale ondersteuning in heel Europa, met verschillende benaderingen door nationale gezondheidsautoriteiten die het ziekteverloop en de ziekte-uitkomsten beïnvloeden.
Het falen van gezondheidszorgsystemen om adequaat in te spelen op de behoeften van ME/cvs-patiënten heeft ernstige gevolgen, zoals naar voren komt uit de onderzoeksresultaten.

Hoewel er geen objectieve diagnostische tests voor ME/cvs, geverifieerde biomarkers, curatieve medicijnen of behandelingen voor ME/cvs bestaan, is ondersteuning van de gezondheidszorg niettemin belangrijk voor het beheer van de symptomen en de verbetering van de functionele capaciteit, en dus het ziekteverloop. Vroege diagnose, activiteitenmanagement (pacing) en het vermijden van overbelasting (post exertionele malaise (PEM)) zijn essentieel om het risico op progressie naar ernstige ziekte te verminderen.

Uit het onderzoek bleek dat het binnen de energie-enveloppe houden van het activiteitenniveau – algemeen bekend als pacing – de meest gunstige strategie bleek om de aandoening onder controle te houden. Omgekeerd bleken op activiteiten gebaseerde therapieën de symptomen te verergeren, waarbij bijna de helft van de respondenten als gevolg daarvan een verslechterend ziekteverloop rapporteerde.

Het onderzoek weerlegt sterk het Biopsychosociale (BPS) model en bestempelt het als een mislukte en schadelijke benadering van ME/cvs. Therapieën waarbij de activiteit voortdurend werd verhoogd, bleken de symptomen te verergeren, wat het belang van pacing en het vermijden van overmatige inspanning benadrukte.

Er bestaan hardnekkige mythes over ME/cvs als een ziekte die geleidelijk ‘opbrandt’ en waarvan patiënten na verloop van tijd herstellen. Hoewel sommige patiënten na verloop van tijd inderdaad beter worden, gebeurt dat bij de meeste niet. De symptomen zijn ernstig en kunnen een leven lang aanhouden.

Doordat de ziekte in veel landen niet als een ernstige lichamelijke ziekte wordt erkend, krijgen patiënten geen tijdige diagnose en geen toegang tot adequate sociale voorzieningen en uitkeringen die nodig zijn om te kunnen overleven.
Uit het onderzoek blijkt dat lange vertragingen bij de diagnose vanaf het begin van de ziekte gebruikelijk zijn, gemiddeld 6,8 jaar in Europa, met grote verschillen tussen lande.

ME/cvs moet gezien worden als een chronische aandoening,  aangezien deze perceptie grote gevolgen heeft voor uitkeringen en andere verleende diensten.
Vroegtijdige diagnose, activiteitsmanagement (pacing) en het vermijden van overmatige inspanning zijn van cruciaal belang om de progressie naar een ernstige ziekte te helpen voorkomen.

Omdat prospectieve onderzoeken van hoge kwaliteit over typische ziekteverlopen ontbreken, kunnen grote patiëntenenquêtes zoals deze de beste beschikbare informatie opleveren.

De penibele situatie voor de meeste ME/cvs-patiënten in heel Europa is deels het gevolg van zowel onwetendheid als gebrek aan kennis bij gezondheidswerkers, maatschappelijk werkers en beleidsmakers. Toch wordt ME/cvs sinds 1969 door de Wereldgezondheidsorganisatie erkend als een ziekte van het zenuwstelsel.

Gebrek aan financiering van biomedisch onderzoek draagt bij aan het feit dat ME/cvs wordt gecategoriseerd als een ziekte met een hoge last en een te lage prioriteit, die dringend een speciale EU-strategie nodig heeft.

Europese regeringen moeten stappen ondernemen om bestaande expertisecentra voor ME/cvs te financieren en nieuwe te ontwikkelen om een gezamenlijke pan-Europese strategie uit te voeren van gecoördineerd, collaboratief translationeel biomedisch onderzoek in heel Europa, dat zich richt op het verkrijgen van een volledig begrip van de ziekte en de ontwikkeling van behandelingen om de ziekte te verzachten of te genezen.
De EMEA heeft al het voortouw genomen door samenwerkende Europese groepen op te richten voor onderzoekers, artsen, jonge onderzoekers en uiteraard patiënten. Door in heel Europa samen te werken, kunnen we de beste talenten van de beste instellingen die willen samenwerken, benutten.
Dit zal helpen bij het opbouwen van de capaciteit van onderzoeksmiddelen binnen Europa die nodig is om grote ontdekkingen over deze ziekte mogelijk te maken.
Belangrijker is dat het de voortzetting van onderzoek mogelijk maakt en de basis legt voor vooruitgang bij het opzetten van Europees fundamenteel onderzoek naar ME/cvs.
Nu moeten de Europese regeringen handelen.

EMEA dringt er ook op aan dat er een specialistische discipline voor ME wordt gecreëerd in alle Europese landen met ten minste één gespecialiseerd klinisch centrum, verbonden aan expertisecentra in elk land, samen met de ontwikkeling en implementatie van een gestandaardiseerd diagnostisch en behandelingsprotocol.

EMEA roept overheden op om een pan-Europees epidemiologisch onderzoek uit te voeren, gebruikmakend van de meest actuele diagnostische criteria, om de prevalentie en de kostenlast van ME in Europa te bepalen.
Zoals EMEA eerder heeft aangetoond in haar webinars ‘ME/cvs in Europa’ is het heel goed mogelijk voor alle Europese landen om SNOMED-criteria te implementeren om de juiste prevalentiecijfers vast te stellen.

EMEA dringt er bij beleidsmakers en belanghebbenden in de gezondheidszorg in heel Europa op aan om gehoor te geven aan de bevindingen van de Pan-Europese ME-Enquête van EMEA en dringend actie te ondernemen om het leven van ME-patiënten te verbeteren.

Terwijl we Wereldgezondheidsdag 2024 vieren, onder het motto ‘Mijn gezondheid, mijn recht‘, onderstreept dit allereerste pan-Europese onderzoek de dringende prioriteit voor gezondheidszorgsystemen om ME/cvs te erkennen als een ernstige lichamelijke ziekte en betere medische zorg, financiële ondersteuning en sociale diensten te bieden, evenals een volledig gefinancierde langetermijnstrategie van biomedisch onderzoek naar deze ziekte.

Onwetendheid, apathie en een gebrek aan onderzoek naar myalgische encefalomyelitis in Europa mogen niet voortduren. Als er nu niet daadkrachtig wordt opgetreden, zal dit onnodig lijden en verwaarlozing van mensen met ME/cvs bestendigen – een duidelijke schending van de mensenrechten voor deze burgers, die niet achter mogen blijven terwijl de wereld werkt aan het bereiken van Universele Gezondheidszorg om de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties in 2030 te bereiken.

© EMEA, 7 april 2024.
Vertaling ME-gids

Lees het volledige onderzoeksrapport, EMEA survey of ME/CFS patients in Europe: Same disease, different approaches and experiences [EMEA-enquête onder ME/cvs-patiënten in Europa: zelfde ziekte, verschillende benaderingen en ervaringen], inclusief landenprofielen over hoe de toegang tot medische zorg en sociale ondersteuning varieert in Europa, en hoe de verschillende benaderingen van de nationale gezondheidsautoriteiten het ziekteverloop en de ziekte-uitkomsten beïnvloeden, met ernstige gevolgen voor patiënten.