Inhoud artikel

Nieuwe kijk op ME/cvs: onderzoekers zien verstoring in neurotransmitterbalans als mogelijke sleutel

Publicatiedatum 19 februari 2026

Een recente wetenschappelijke overzichtsstudie geeft een nieuwe uitleg voor veel klachten bij ME/cvs en Long Covid. De studie kijkt vooral naar de werking van neurotransmitters. Dit zijn chemische boodschapperstoffen in de hersenen en het zenuwstelsel. Volgens de auteurs kan een verstoorde neurotransmitterbalans een belangrijke rol spelen bij vermoeidheid, overprikkeling, slaapproblemen en inspanningsintolerantie. 

Het gaat om een zogeheten preprint. Dat betekent dat het artikel al openbaar is, maar nog niet officieel is beoordeeld door andere wetenschappers via peer review. Toch brengt het artikel veel bestaande onderzoeksresultaten samen in één duidelijk model. 

In deze tekst lees je wie de onderzoekers zijn, wat zij precies hebben gedaan, en waar hun bewijs op gebaseerd is. 

Wie zijn de onderzoekers? 

Het artikel is geschreven door twee bekende onderzoekers. De eerste auteur is dr. Klaus J. Wirth. Hij is een Duitse onderzoeker met kennis van neurobiologie en spierfysiologie en houdt zich al langer bezig met ziekte­mechanismen bij ME/cvs. De tweede auteur is prof. dr. Carmen Scheibenbogen. Zij is arts en onderzoeker aan de Charité in Berlijn en is internationaal bekend om haar werk op het gebied van ME/cvs, immunologie en autoantilichamen. 

De onderzoekers hebben samen geen nieuw experiment uitgevoerd met een patiëntengroep. In plaats daarvan hebben zij een groot literatuuroverzicht gemaakt. Dat betekent dat zij veel eerder gepubliceerde studies hebben verzameld, gelezen en met elkaar hebben vergeleken. Op basis daarvan hebben zij een nieuw samenhangend verklaringsmodel opgesteld. 

Wat is het hoofdidee van het artikel? 

Het centrale idee van het artikel is dat bij ME/cvs mogelijk sprake is van een verstoorde neurotransmitterbalans. In een gezond zenuwstelsel is er normaal een evenwicht tussen stoffen die activeren en stoffen die juist afremmen. Activerende neurotransmitters zorgen ervoor dat hersenen en zenuwen sneller en sterker reageren. Remmende neurotransmitters zorgen juist voor rust, herstel en stabiliteit. 

Volgens de auteurs kan bij ME/cvs dit evenwicht verschoven zijn. Het systeem zou dan te veel in de activerende stand staan en te weinig in de remmende stand. Daardoor blijft het lichaam als het ware in een voortdurende stress- of alarmstand. 

Dat model past bij klachten die veel patiënten herkennen. Mensen ervaren vaak sterke overprikkeling, slapen slecht en worden niet uitgerust wakker. Ook melden veel patiënten gevoeligheid voor licht, geluid en geur. Daarnaast komen concentratieproblemen en een opgejaagd maar tegelijk uitgeput gevoel vaak voor. Dit wordt ook wel omschreven als “wired but tired”. De verstoorde neurotransmitterbalans kan volgens de auteurs helpen om dit patroon te begrijpen. 

Over welke neurotransmitters gaat het? 

De studie bespreekt meerdere boodschapperstoffen in de hersenen en het zenuwstelsel. Noradrenaline speelt een belangrijke rol bij alertheid en stressreacties. GABA is juist de belangrijkste remmende neurotransmitter en helpt prikkels te dempen. Glutamaat is de sterkste activerende neurotransmitter in de hersenen. Daarnaast bespreken de auteurs ook serotonine, dat betrokken is bij slaap, stemming en pijnverwerking. Ook histamine en dopamine komen kort aan bod. 

Volgens het model van de onderzoekers ontstaat er een probleem wanneer activerende signalen overheersen terwijl remmende signalen te zwak worden. Op dat moment raakt de neurotransmitterbalans verstoord en kan het zenuwstelsel moeilijk tot rust komen. 

Waar is het bewijs op gebaseerd? 

De auteurs gebruiken geen nieuw experimenteel bewijs, maar bouwen hun verhaal op uit bestaande studies. Zij halen bewijs uit verschillende onderzoekslijnen en voegen die samen. Het gaat onder andere om immunologisch onderzoek, hersenonderzoek, metingen van het autonome zenuwstelsel en stofwisselingsstudies. 

Onderzoek naar autoantilichamen 

In meerdere eerdere studies zijn bij een deel van de ME/cvs-patiënten autoantilichamen gevonden. Dit zijn afweerstoffen die zich niet tegen indringers richten, maar tegen onderdelen van het eigen lichaam. Sommige van deze antilichamen richten zich op receptoren die belangrijk zijn voor het autonome zenuwstelsel. Dat systeem regelt automatisch functies zoals hartslag, bloeddruk en doorbloeding. 

Onderzoekers hebben bijvoorbeeld antilichamen gevonden tegen adrenerge en cholinerge receptoren. In sommige studies blijkt dat hogere waarden van deze antilichamen samenhangen met ernstigere klachten. Dit ondersteunt het idee dat regelsystemen van het zenuwstelsel ontregeld kunnen raken en zo de neurotransmitterbalans kunnen beïnvloeden. 

Metingen van het autonome zenuwstelsel 

Veel onderzoeken laten zien dat het autonome zenuwstelsel bij ME/cvs anders functioneert dan bij gezonde mensen. Dit blijkt uit testen waarbij onder andere hartslag, bloeddruk en houdingseffecten worden gemeten. 

Daaruit komt vaak naar voren dat het activerende deel van het zenuwstelsel te sterk actief is, terwijl het rustgevende deel minder goed werkt. Het lichaam staat daardoor vaker in een stressstand en minder in een herstelstand. Ook dit past bij het idee van een verschoven neurotransmitterbalans richting activering. 

Hersenscans en metingen in de hersenen 

De auteurs verwijzen ook naar recente hersenstudies met MRI en andere scanmethoden. In sommige van deze onderzoeken worden verhoogde glutamaatwaarden gevonden. Ook zijn er veranderingen gezien in receptoren die met glutamaat werken en in de samenwerking tussen hersennetwerken. 

Daarnaast zijn er aanwijzingen voor lichte neuro-ontsteking bij een deel van de patiënten. Ontsteking in de hersenen kan ervoor zorgen dat ondersteunende hersencellen neurotransmitters minder goed opruimen. Daardoor kan het evenwicht verder verschuiven. Ook hier komt weer het beeld naar voren van een verstoorde neurotransmitterbalans. 

GABA en ionkanalen 

Andere studies laten afwijkingen zien in bepaalde ionkanalen in cellen, zoals TRPM3-kanalen. Deze kanalen zijn belangrijk voor prikkeloverdracht in zenuwen en spieren. Wanneer deze kanalen minder goed werken, kan dat invloed hebben op hoe remmende signalen functioneren. 

Omdat GABA de belangrijkste remmende neurotransmitter is, kan verstoring in deze systemen ervoor zorgen dat het brein minder goed kan afremmen. Dit kan bijdragen aan overprikkeling en slaapproblemen en past opnieuw bij het model van een ontregelde neurotransmitterbalans. 

Tryptofaan en serotonine 

Meerdere onderzoeken tonen aan dat de stof tryptofaan bij ME/cvs en Long Covid vaak lager is dan normaal. Tryptofaan is nodig om serotonine te maken. Wanneer tryptofaan via andere stofwisselingsroutes wordt afgebroken, blijft er minder over voor serotonineproductie. 

Ontsteking en veranderingen in het darmmicrobioom kunnen deze verschuiving versterken. Minder serotonine kan invloed hebben op slaap, stemming en pijnverwerking. Ook dit raakt direct aan de neurotransmitterbalans. 

Medicijnreacties als indirect bewijs 

De auteurs bespreken ook dat sommige patiënten verbetering ervaren bij medicijnen die op neurotransmitters werken. Voorbeelden zijn bètablokkers, bepaalde antidepressiva, antihistaminica en middelen die het GABA-systeem beïnvloeden. Tegelijk reageren andere patiënten hier niet goed op. 

Dit verschil in reactie laat volgens de auteurs zien dat neurotransmitters waarschijnlijk een rol spelen, maar dat de verstoring per persoon kan verschillen. Dit soort behandelreacties vormen indirect bewijs en geen definitief bewijs. 

Hoe sterk is het bewijs? 

De onderzoekers zijn voorzichtig in hun conclusies. Zij geven aan dat sommige onderdelen goed onderbouwd zijn, terwijl andere delen nog verder onderzocht moeten worden. Zij benadrukken dat hun model een werkhypothese is die helpt om veel losse onderzoeksbevindingen samen te brengen. 

Omdat het artikel een preprint is, moet het nog worden beoordeeld door andere wetenschappers. Meer gericht vervolgonderzoek is nodig om het model van de verstoorde neurotransmitterbalans verder te testen. 

Waarom is dit model belangrijk? 

Dit model is belangrijk omdat het meerdere klachten tegelijk kan verklaren vanuit één biologisch kader. Het verbindt hersenwerking, zenuwstelsel, immuunsysteem en spierfunctie met elkaar. Daarmee ondersteunt het het beeld van ME/cvs als een lichamelijke systeemziekte met meetbare ontregeling. 

Het idee van een verstoorde neurotransmitterbalans kan richting geven aan toekomstig onderzoek en mogelijk ook aan meer persoonlijke behandelstrategieën in de toekomst. 

Het artikel waar dit over gaat vind je hier 

Tot slot 

De ME/cvs Vereniging kan geen persoonlijk advies geven over het gebruik van medicijnen, behandelingen of supplementen. Dit geldt ook voor vragen over doseringen, combinaties of geschiktheid voor individuele situaties. Hiervoor verwijzen wij altijd naar een arts of andere gekwalificeerde zorgverlener. 

Wel kun je ons helpen door lid te worden of door vrijwilliger te worden. Of kijk ook eens in onze winkel 

 

Verstoring neurotransmitterbalans 2026